vrijdag, december 6 EN | BR

Houd hen vast en red hen uit het vuur. – Judas 1:23

Stel je voor: je zit in een boot, je bent aan het varen, maar plotseling breekt er brand uit. Het vuur komt dichterbij en je rent naar de achterkant van de boot. Je kunt geen kant uit, en je voelt het vuur al je handen schroeien. Dan is daar plotseling een reddingsbootje achter je met precies een plekje vrij voor jou. Dát is ternauwernood gered worden, als een brandhout uit het vuur gehaald worden.

Wees blij als je lichaam ternauwernood gered is. Maar hoe staat het met je ziel? Veel mensen worden, wat hun ziel betreft, ternauwernood gered.

De ene mens neemt Jezus aan, leeft naar Gods geboden, gaat trouw naar de samenkomsten, en aan het eind van zijn leven blaast hij in alle vrede de laatste adem uit. Deze persoon glijdt als het ware zó de hemel binnen. Maar een ander leeft erop los, doet alles wat God verboden heeft, denkt niet aan God of gebod. Deze persoon is zó goddeloos dat je niet kunt geloven dat hij ooit nog tot bekering kan komen. Maar dan hoor je opeens dat hij Jezus heeft aangenomen, vlak voor zijn dood. Dat is ternauwernood gered worden!

Misschien bent u losgeraakt van God, losgeraakt van de kerk. Of misschien gaat u wel eens naar de kerk of samenkomst, maar helemaal niet omdat u een christen bent of een christen wilt worden. Het kan zijn dat je alleen maar gaat om een ander een plezier te doen. Of je gaat omdat je de muziek mooi vindt, of omdat de soort prediking je bevalt, of omdat er een leuk meisje of een leuke jongen zit … noem maar op. Maar toch, je hoort het evangelie van Jezus Christus.

Wanneer mensen het Woord van God horen, en het hun hart bereikt, en ze hun hart openen, dan zegt de Here Jezus: ‘Ik zal binnenkomen.’ En zo zullen mensen ‘ternauwernood gered’ worden, omdat zij op een bepaald moment hun hart openen voor Jezus. Ik ben blij dat God mensen ternauwernood redt.

Delen.

Comments are closed.

X