vrijdag, september 20 EN | BR

Terwijl de stenen hem troffen, bad Stefanus: Here Jezus, neem mijn geest bij U. Hij viel op zijn knieën en riep: Here, reken hun dit kwaad niet toe! Met deze woorden op de lippen stierf hij. – Handelingen 7:59-60

Niemand weet wanneer je voor de troon van God komt te staan. Het is belangrijk dat we altijd klaar zijn om Jezus te ontmoeten.

De geschiedenis van de dood van Stefanus moet ons wel aan het denken zetten. Stefanus stierf in het harnas, ofwel: midden in zijn bediening voor de Heer. De apostelen hadden het druk met het prediken van de boodschap en ze zeiden: ‘Laten wij mannen aanstellen die zich kunnen bezighouden met de lopende zaken, zodat wij ons helemaal kunnen richten op de gebeden en de bediening van het Woord.’

Zeven mannen werden daarvoor aangesteld en één van hen was Stefanus, die vol was van geloof en de Heilige Geest. Er gebeurden veel wonderen: mensen werden genezen en anderen werden bevrijd van boze geesten (zie Handelingen 6). Ook de tegenstanders van het evangelie waren hiervan op de hoogte.

Terwijl Stefanus predikte en God grote wonderen deed, werd Stefanus gestenigd en weggerukt uit zijn bediening. Velen vragen zich af: ‘Waarom, Here?’ Toch is het een groot voorrecht als je wordt weggenomen terwijl je bezig bent met je werk voor Hem. Maar het werk van de Heer gaat altijd door. Gods werk is niet te stoppen.

De dood van Stefanus was wel pijnlijk. Hij was omringd met mensen die hem haatten. Ze knarsten hun tanden tegen hem en stenigden hem. Toch was zijn heengaan vol van overwinning. Hij gaf zich niet over aan haat- of wraakgevoelens. Stefanus was vol van Gods liefde en bad: ‘Here, reken hun dit kwaad niet toe!’ (Handelingen 7:60). Jezus moet, toen Hij Stefanus bij de hemelpoort opwachtte, gezegd hebben: ‘Goede en trouwe dienstknecht.’

Hoe zal het met ons zijn als wij sterven? Zijn we klaar om Jezus vandaag te ontmoeten?

Delen.

Comments are closed.

X