woensdag, oktober 16 EN | BR

‘Toen ik Hem zag, viel ik als dood voor Hem neer. Maar Hij legde zijn rechterhand op mij en zei: Wees niet bang. Ik ben de eerste en de laatste.’ – Openbaring 1:17

De woorden: ‘Wees niet bang’ vind je door de hele Bijbel heen, zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament. God zei de woorden: ‘Wees niet bang’ tegen Abraham, toen hij moest strijden met de koningen van het noorden. Tegen Isaak zei God: ‘Wees niet bang’ toen hij bang was voor de Filistijnen. Jakob kreeg deze bemoedigende woorden te horen toen hij naar Egypte wilde gaan.

Misschien bent u, net als Abraham, wel in een grote strijd verwikkeld. Maar God wil ook tegen u zeggen: ‘Wees niet bang.’ Misschien bent u, net als Isaak, bang voor de vijand. Of u staat op het punt om een grote verandering in uw leven te maken, net als Jakob. U bent er bang voor, maar de Here zegt ook tegen u: ‘Wees niet bang.’

Toen de Israëlieten voor de Rode Zee stonden, konden ze geen kant meer uit. Ze waren bang en dachten dat ze zouden sterven. Toen zei de Here tegen hen: ‘Wees maar niet bang. Blijf gewoon waar u bent en kijk hoe de HERE ons vandaag redt’ (Exodus 14:13). Bij de aankondiging van Jezus’ geboorte zei de engel tegen de herders: ‘Wees niet bang.’ Dezelfde woorden kreeg ook Maria te horen. Tegen Johannes op het eiland Patmos zei Jezus: ‘Wees niet bang’, en Hij legde Zijn rechterhand op Johannes.

Als alle mensen in deze wereld eens zouden weten wie Jezus is, dan zouden ze niet bang zijn. Hij legt Zijn hand ook op u en zegt: ‘Ik heb je lief. Ik heb Mijn leven voor jou gegeven. Ik heb de prijs voor je zonden betaald.’ God is geen boeman die altijd klaarstaat om u te straffen als u iets verkeerds hebt gedaan. Jezus houdt van u en mij. Hij is onze Verlosser, Redder en Heer.

Delen.

Comments are closed.

X