zondag, mei 26 EN | BR

‘Maar deze kostbare schat hebben wij in kwetsbaar aardewerk, ons lichaam. Iedereen kan zien dat de buitengewone kracht in ons niet van onszelf is, maar van God.’ – 2 Korinthiërs 4:7

Paulus spreekt hier over de schat – Jezus – in kwetsbaar aardewerk, ons lichaam.
Als u bijvoorbeeld een vaas van aardewerk op de grond gooit, valt die vaas stuk. Als je de boodschap van vandaag goed begrijpt, kom je tot de ontdekking dat, ondanks dat Jezus in je woont, er toch nog vervelende dingen kunnen zijn. Dat is niet prettig. Dat komt, zegt Paulus, omdat de schat, Jezus, nog in aardewerk woont. Dat aardewerk is kwetsbaar en zwak sinds de zondeval. Daarom hebben we te maken met zwakheden en ziekten. Ons lichaam is nog aards en is nog niet vernieuwd of verheerlijkt. Nu heb ik het over lichamelijke zwakheden, maar er zijn tegenwoordig ook ongeloo ijk veel psychische stoornissen. Men heeft last van een angst- of schuldgevoel, men leidt aan complexen, bezorgdheid enz. Men gaat piekeren en men kan het niet altijd van zich afschudden, terwijl men er toch van uitgaat: Jezus woont in mij. Ondanks dat je een christen bent, heb je er toch last van en heb je een vervelende dag. Het hebben van slechte dagen betekent niet dat Jezus niet in u woont of dat u bent afgeweken van Zijn weg of dat u ongeestelijk bent. De reden is dat de boze rondgaat als een brullende leeuw, op zoek naar een prooi om te verslinden. Vooral als u de beslissing hebt gemaakt om Jezus te volgen, ligt hij op de loer om u een slechte dag te bezorgen. De apostel Paulus zegt in 2 Korinthiërs 7:5: ‘Toen wij in Macedonië kwamen, kregen wij door alle moeilijkheden geen kans om uit te rusten. Overal waren problemen en innerlijk hadden wij angst.’ Kunt u het zich voorstellen dat Paulus bang was? Paulus zegt echter ook in vers 4: ‘Ondanks al mijn moeilijkheden hebt u mij blij gemaakt.’ Paulus was blij en vertroost, ondanks dat hij een slechte dag had.

Delen.

Comments are closed.

X