woensdag, juni 26 EN | BR

U neemt mijn zwerftochten waar en kent elke traan die ik stort. Alles staat immers in uw boek? – Psalm 56:9

Toen David door de Filistijnen in Gath gevangen was genomen, stortte hij in deze psalm zijn hart voor God uit. Koning Saul zat David al jaren achterna om hem te doden, en hij moest steeds vluchten, van grot naar grot. Door al die omzwervingen en ellende roept David het uit tot God en zegt: ’U kent elke traan die ik stort.’

Hij ziet ons verdriet

Deze tekst zegt ons dat de grote, almachtige God op de hoogte is van al onze moeilijkheden. Hij kent al onze pijn en verdriet. Het zegt dat God een fles heeft, een kruik, waarin Hij onze vele tranen verzamelt en bewaart.

Krokodillen tranen

Het is wel belangrijk dat u begrijpt om welk soort tranen het gaat. Het zijn geen ‘krokodillentranen’, maar echte tranen van verdriet en spijt. Het verschil bijvoorbeeld tussen Saul en David was dat Saul spijt had van hetgeen hij gedaan had, omdat hij alles dreigde te verliezen door zijn ongehoorzaamheid. Maar toen David overspel had gepleegd, riep hij tot God: ’Here, tegen U, en U alleen heb ik gezondigd.’ Hier vloeiden tranen van echt berouw. Niet alle tranen komen in Gods fles. Er worden miljoenen tranen vergoten als gevolg van losbandigheid, maar niet één daarvan komt in Gods fles.

Juwelen in Zijn ogen

Wanneer er echte tranen worden vergoten als iemand spijt heeft van zijn zonden en fouten of huilt vanwege de toestand waarin ons land verkeert, dan zijn dat tranen die tot het diepst van het Vaderhart van God doordringen. Zulke tranen vangt God op in Zijn fles. Het zijn juwelen in Zijn ogen.

Er is niets mooiers dan wanneer een zondaar tot God komt met een berouwvol hart en zijn of haar hart aan Jezus geeft, terwijl de warme tranen van spijt over de wangen rollen.

God houdt een ‘register’ bij en de tranen zijn als een gedenkteken voor God.

Delen.

Comments are closed.

X