woensdag, juni 26 EN | BR

“De tolontvanger stond helemaal achterin de tempel. Hij durfde niet eens omhoog te kijken, terwijl hij aan het bidden was. Hij sloeg zich van berouw en verdriet op de borst en zei: God, ik ben een zondaar. Wilt U mij in genade aannemen?” – Lucas 18:13

Wanneer wij uit de duisternis in Gods wonderlijke licht komen, blijft er niets van ons over. Het licht laat ons zien dat wij niet goed, maar slecht zijn. Het licht brengt onze ware natuur naar voren. In Gods licht zien we onszelf zoals Hij ons ziet. Deze openbaring verbreekt ons hart en verbrijzelt onze trots. Dit is het moment dat wij ons realiseren dat wij niets meer kunnen bedekken of verbergen. We realiseren ons dat we gewoon zondaren zijn.

Onze zonden brengen schuldbesef, maar echt berouw is meer dan dat. Onze zonde brengt het verlangen een oplossing te zoeken voor ons zondeprobleem. Maar berouw is meer dan een oplossing zoeken. Berouw is zo veel spijt hebben dat je à la minute wilt stoppen met de zonde, dat je gebroken hart bereid is om te veranderen. Het is ons berouw waardoor we ons van de duisternis naar het licht keren. In dat licht worden we bekleed met Zijn gerechtigheid en genade en de liefde van Jezus.
’Door uw geloof in Hem bent u gered en dat komt door zijn genade. Dat is niet uw eigen verdienste, maar een geschenk van God. Niemand zal zich erop kunnen beroemen het zelf gepresteerd te hebben’ (Efeziërs 2:8-9).

De schoonheid van het evangelie ontdek je pas als je het kwaad de rug toekeert en je bekeert tot Gods wonderlijke licht. Dan ontmoet je de levende God die héél veel van ons houdt met Zijn ondoorgrondelijke, ontfermende liefde en genade. Een God die, ondanks Zijn ongelooflijke heerlijkheid, majesteit, grootheid en heiligheid, toch niet veraf is, maar héél dichtbij en Zich identificeert met onze noden en problemen. Een God die verlangend is om ons te vergeven. Genade is een onverdiend iets, een gift die ons geschonken wordt.
God zegt: ‘Je kunt niets doen om jezelf te redden. Ik heb alles gedaan door Mijn Zoon Jezus te geven als volmaakt Offerlam.’

Delen.

Comments are closed.

X